Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

<0 Ij.

Laatfte Kerkelijke Redevoering dóór mi] gebou■ den, i7 Julij i796, over i Pet. 7. p. 44, eti ici-e/f van dezelve , bij form van Noot, onder p. 45-fo-

M,pe nadere Citatie voor den vollen Rand op den i8den Julij, — het voorgevallene aldaar — en Interdictie in mijnen Dienst door denzelven. p. 46-51.

Kennisgeving daar van door mij aan den Prafes

van bet Minifterie; p. 52. Door den Raad aan deii Grooten Kerkenraad.

Ex Tact door den Raad aan mij gebonden, p cj. <r«r en Aanmerkingen daar op. p. 56» Juflificatoire Memorie, door mij aan den Raad ingeleeverd q<; Julij 1706. waar in

De Grond/lag het recht van belang in „ te moogen brengen, p. 57, 58. De Inhoud, een Protest „ I. Wegens Omisfie in het Extract.

P- 59-6.1. „ II. Wegens verkeerde opvatting mij.

» ner SezeSder|s- P- 64- 68. „ LU. Recapitulatie mijner waare inten„ tien en inhaMÏe van het mon„ deling Protesr. p. 63—70. Conchifie. p. 70, 7r." Aanmerkingen daar ointrend. p. 7» Nadere aanfchrijving door den Kaad aan den Grooten Kerkenraad, ten geleide van eene Misfivq door hen wS* Commictévvan 9ïjulij, houdende mijne Interdictie voor eene efective Dimisfie. p. 72, 73. Ue Groote Vergadering maakt eene Commitile tot mijne zaak. p. 74, Memorie , door dezelve aan den Raad *e. prcftmeerd, 1 Aug. 1796. p. 75-83. ns - iJankbaare Aanmerkingen daar over. p. 84. Memorie van Doleantie, door mij, op 7 Ao» 1706 geparenteerd aan het Provintiaal Befluur, waar in ' " Ue ^rondJJag, over het gewigc der zaaken,'

55 P- ö5 — b7.

Sluiten