Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 52 >

neevens het Minifterie, voor de waarneeming mijner Predikbeurten te zorgen, gelijk ook, van dien tijd af, met alle broederlijkheid , die ik verwagte (dank zij alle mijne Collegen!) gefchied is. (a) Doch reeds

op

O) Het briefje, wiar mede ik deeze kennis gaf, was van den volgenden inhoud:

HOOG EERW. HOOGGELEERD HEER , VEEL„ WAARDIGE COLLEGA!

Maandag morgen door den Raad geinterdiceerd zijnde 'om te prediken, zal ü H. E. wel de goedheid willen " hebben, als Praïfes Minifterii, te zorgen, dat aanfhande " Zondag de Vroegbeurt, en (zoo lang het duuren mogt) " de volgende Beurten worden waargenoomen. Ik heb het mij beloofds Extract uit de Notulen nog niet; zoo rasch ' ik bet heb, zal ik mijn Adres aan de Gtoote Vergadering " in gereedheid brengen , en behoorlijk kennis geeven, " waar van ik U H. E. als Prajfes, voorloopig bericht doe. " Ik lub bij monde geprotefteerd, en zal, uit het verwagt H wordende Extract zien, of het ook noodig is dit fchrif. teliik te doen.

" Gelijk ik mij zeiven intusfehen als wettig Predikant van Rottetdam blijf befchouwen, blijft ook mijne betrekking op mijne waardige Collegen: het verfchil van denkwijze,

" ook op dit ftuk , maakt geene verandering lp de hoogachting en Broederliefde, waar mede ik altoos was en nog

„ ben

„ U. S.

„ ROTT. 19 7«'lij » Tl T'

" 179Ó' 6"0 » J- SCHAR P."

Ik geef hier dit éénvouwig briefje om die redenen op, 1 )& Om te bewijzen, hoe ik, In weerwil van verfcbil-

lerfdë denkbeelden , over mijne Medebroederen bleef

denken.

2.) Op dat men mij niet verwijte, het geen men aan de l • Leeraaren eener andere groote Stad, die mijne Lot"enooten zijn, in openlijke gefchriften , tot een misdaad gereekend heeft , dat zij aan den Priefes des Kerkenraads geene kennis gegeeven hebben van hunne Remotlen, noch hoe zij over dezelve dachten.

C3.

Sluiten