Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'< 137 >"

®. De gelijkheid noemt het Gouvernement den

tweeden grondflag van zijn Beftuur: maar vordert dan die gelijkheid niet, dat allen, die zich aan de wetten onderwerpen , de laften der Maatfchappij gelijkelijk draagen, onöproerig zijn, en nuttige Leden der zaamenleeving , ook, elk in zijn vak, gelijkelijk gerechtigd moeten zijn tot alle die Rechten der Maatfchappij , waar op zij in hunne onderfcheidene betrekkingen , en zonder iemand anders te benadeelen, billijken aanfpraak hebben , zonder dat eenig verfchil •van opinien , Theoretifche befchouwingen , of Politifche Syfthemata (die niet in daadelijke werking gebragt worden tot verftooring van de rust ; hier in eenige verandering maaken kan ? Maar hoe dan kan mij de waarneeming mijner Euangelie - bediening, waar toe ik gelijke rechten als anderen heb , verboden blijven, niet om dat ik weiger mij aan de wetten te onderwerpen ; niet om dat ik de rust, of vastgeftelde orde verftooren wil; niet om dat ik mij inlaat in zamenrottingen of cabaalen ten nadeele van den Staat, niet om dat ik weiger aan het Gouvernement verzeekering te geeven , bij plegtige gelofte , van onderwerping en jiil gedrag , maar alleen , om dat ik, Polio'sch opineerende, eenigzints verfchille in de pr&cife wijze dier belofte , zoo echter, dat hec oogmerk der belofte in zijn geheel blijft, de Maatfchappij genoegzaame , en , in zeekeren zin , fterker verzeekering ontfangt, daar ik mij met mentale referwatien zou hebben kunnen redden , maar de oprecht' heid kieze boven helang , en dus zoo veel te meer vertrouwen moest inboezemen op mijne eerlijkheid * — waar is hier de gelijkheid tusfchen eerlijke en braave Burgers van verfchillende begrippen, maar van éénerlei zucht voor het heil des Vaderlands ? — Maar, dat veel verder gaat, — indien aan andere Leeraaren vergund is de belofte in denzelfden zin ven onderwerping te verklaaren , gelijk men in de daad, op alle de aangevoerde gronden, niets meerder van hun vergen kon , en deeze , op die verklaaring tot het afleggen der belofte met reden toegelaaten, en na die verklaaring in hunne wettige poften gelaaten zijn, en daar tegen aan mij, op dezelfde verklaaring, het waarneemen mijner Bediening ontzegd I 5 wordr,

Sluiten