Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VII

Voortzetting der zaak voor het Intermediair Adminiftrarief Keftuur van het voormaalig Hollandsch Gewest. Adres van mij zeiven , hebbende

ten Bijlade her letterlijk Rapport van de Commisfie

uir den Raad der Gemeente, geappuieerd door

een Request der Kerkelijke Commisfie , en

een Request van Do. j r. schupfsh , en

eindelijk door een favorabelen brief van voorfcbrijving wegens den Raad van R.nrerdam , gefield in handen eener Commisfie uit het Beftuur. pag. 123-147.

Aanmerkingen over eenige opnofitien en- tegenwerkingen. —— pag, 147—150.

Voorftel , en daar op gevolgde beroeping te Loga in Oost - vriesland, gehouden in beraad. pag. 150—153.

Verdere poogingen bij de Commisfie in 's Hage, —— vooral bij het Adminiftiarief 15eftuur door een nader Adres van de Kerkelijke Gecommitteerden. pag. 153—158.

Slingeringen tusfchen hoop en vreeze, en onge~ r noegzaame uitflag, met verzending aan de ConItkueerende Vergadering. pag. 158—162.

Aanmerkingen daar over, en redenen van het provifioneel niet voortzetten mijner zaak. pag. 162 — 166.

Nadere deliberatien over, en conditioneele aanneeming der beroeping te Loga. pag. 166.

Gewigtige Groote Kerkenraads • vergadering van

7 April 1798, waar in het laatfie Rapport

van de Gecommitteerden, en gunftige Refolutie daar omtrend. -— pag. 167—173.

Me.

Sluiten