Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DIERLIJK MAGNETISMUS. 19

haamcn aanweezig, ais een middel ter daarflelling der heilzaamfle uitwerkfclen ; maar zij eischten, ten einde die te doen plaats grijpen , geene onmiddelijkc aanraaking , zelf geene nabijheid van den lijder, gelijk de Heer Mesmer noodig oordeelt; hunne methode beilond in eene geheel andere konstbewerking. Ten einde aan deeze algemeen verfpreide geeftige vloeifloffe een tot het oogmerk gefchikte rigting te geeven , waren zij verpligt zich te bedienen van weezenlijkc beflanddeelen, natuur* lijk of door konst afgefcheiden van dat individu, waarop men voorhad deeze magneetifche kuur in het werk te Hellen; de verfchillende vochten van het menschlijk lighaam, hetzij natuurlijk in hetzelve voortgebragt, als het bloed, de urine, de uitwerpfels, of teegen natuurlijk als de etter in wonden geformeerd; ook wel de vaste deelen, als het haair, de nagels, het vleesch van het lighaam afgefcheiden, verfchaften, volgens de leere der ouden, gefchikte hulpmiddelen, ten einde het Magnetismus tot het bedoeld oogmerk af te leiden; alle deeze afgefcheide lighaamsdeelen wierden veronderfleid , zoo lang zij tot geen Haat van bederf overgingen, met opzigt tot een algemeen leevensbeginfel vereenigd te blijven met het lighaam van hem,vanwien zij genomen waren, deeze vereeniging gefchiedde door tusfchenkomst van de meergemelde algemeen verfpreidde geestrijke vloeifloffe , en wanneer de B 2 Ge-

Sluiten