Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DIERLIJK MAGNETISMUS. 39

"waar aan hij den naam van het Dierlijk Magnetismus gegceven heeft, op deeze wijze befchreeven: „ Het „ is eene algemeen verfpreidevloeiilof, het voermid„ del van eenen onderlingen invloed der heemelfche „, lighaamen op elkander, op de aarde en op de lig-

haamen der bezielde weezens; het vervuld alles „ derwijze, dat daar in geen leedig ruim plaats „ heeft ; het is uit hoofde van deszelfs fijnheid ,, onzigtbaar ; het kan alle de indrukfelen , welke „ door beweeging veroorzaakt worden, ontvangen, „ voortduwen en meede deelen, het kan een foort „ van ebbe en vloed ondergaan. "

„ Het menschlijk lighaam is aan de uitwerkfelen ,, van dit vermoogen onderheevig, en deeze wor,, den onmiddelijk door deeze vloeiftof, die zich „ in de zelfltandigheid der zenuwen indringt, voort„ gebragt. " , '. .

„ In het bijzonder ontdekken wij in het mensch,, lijk lighaam zodaanige hoedaanigheeden , welke „ met die des Magneets overeenkoomen ; wij om• „ derfcheiden in hetzelve vcrfchillende en teegen „ elkander overgellelde poolen : de kragt en wer-

king van het Dierlijk Magnetismus kan van het ai een tot het ander lighaam overgebragt worden, „ hetzij hetzelve bezield of onbezield is; het ocf„ fent zijn vermoogen op eenen aanmerkclijken „ afitand, en zonder eenige hulp van tusfehenkoo„ mende lighaamen; de werking word door fpieC 4 „ gels

Sluiten