Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

50 VERHANDELINGEN over het

waar door men zoowel het aanweezen, als de nuttigheid van het Dierlijk Magnetismus tragt te ftaavcn.

In de eerfte plaats komt'gewisfelijk in aanmerking de zeekerheid van het beftaan. deezer zoo veel vermoogende vloeiftoffe; daar het doch'geheel onnoodig zijn zoude deszelfs nut te onderzoeken, zoo lang men van het aanweezen daar van niet volkomen verzeekerd was, het Dierlijk Magnetismus zoude beftaan kunnen zonder nuttig te zijn, het kan egter niet nuttig zijn zoo bet niet beftaat.

Ingevolge derhalven hiervan moest het eerfte voorwerp van het onderzoek der Gecommitteerden, het hoofddoelwit hunner eerfte proefneemingen zijn, om zich van het beftaan van zoo een vermoogen, hetwelk door den Heer Mesmer, en deszelfs navolgers het Dierlijk -Magnetismus genoemd is, volkoomen te verzeekeren, en dit zelf was een zeer uitgebreid onderwerp, hetwelk noodwendig alvoorens binnen enger grenzen moest begrecpen worden.

Het Dierlijk Magnetismus, zegt men , vervult den gantfehen kreits der gefchaapen weezens, het is het voermiddel des invlocds, welke van de heemelfche lighaamen tot ons afdaalt; de Gecommitteerden zijn van gevoelen dat zij, in de eerfte plaats, deeze meer uitgebreide invloed buiten den ftaat des gefchils ftellen moeten , en alleenlijk dat gedeelte dier fijne vloeiftoffe in aanmerking neemen, hetwelk over den aardbol veripreid is, zonder zich met deszelfs

Sluiten