Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN DEN HEERE DE JUSSIEU. 123

met het wrijven of ftrijken heeft. Een ligte aanraaking met den top van den vinger of de punt van den Conductor kan men toeftaan, oflchoon het die verdienfte niet bezit, als wanneer er in 't geheel geene aanraaking behoefde te gefchieden.

Indedaad had men ook alle voorzigtigheid tegen de ontijdige verbeelding noodig. Men werk■"•te derhalven gedeeltlijk zonder weeten der gemagnetifeerd wordende perzoonen, gedeeltlijk verkoos men, tot deeze bewerking, Kinderen, öf Zinneloozen, ook wel Dieren.

Zonder dergelijke voorzorgen zou de tegenpartij alles aan de kragt der inbeelding toefchrijven; niettegenftaande de Voorftander van het Magnetismus met het zelfde recht zou kunnen ftaande houden, dat dit gevoelen even zo weinig gegrond is, als de ftelling van eene algemeene magnetifche vloeibaare zelfftandigheid.

Daar men verder beweert, dat deeze kragt niet even zeer bij elk en een iegelijk blijke, maar dat zij het merkbaarfte is bij fijn georganifeerde zieken, — zo volgt daar uit, dat, wanneer men proefneemingen doet op Gezonden, of Lieden die niet heel ziek zijn, en deezen geene aandoeningen hebben, —- men als dan nog tot niets befluiten kan.

Deeze ontkennende bewijzen gelden flechts zo lang, tot dat men tegenbewijzen bijbrengt.

Om, in de eerfte plaats de ondervindingen bijtebrengen, beroepen wij ons op de openbaare zaaien, of plaatfen, opzetlijk hier toe gefchikt;

waar

Sluiten