Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 88 > ARIA

Uit het Zangfpel\

ZEMIREinAZOR,

Roosje vol geuren, Wat zyt gy fchoon !

Staa hier ten toon 1 Wat fraaye kleuren !

Wat lieerlyk loon! Kooit moet gy treuren !

Roosje vol geuren, Kom 1 en ftaa hier altoos ten toon,

ARIA. Uit het zelve Zangfpel. 't Nachtegaaltje, als koningin, Zingt, met haar kroost, op 't groen der bladen ,

En, in haar'zang nooit te verzaaden, Wekt de Echaos op, verblyd van zin. Haare piepende longen, Op de takjes gefprongen ,

Verfpreiden zich om hoog, En haar weder genaderd. Vol moedermin vergaderd, Verrukken zy baar oog. Maar! droevig maart De vogelaar $omt al haar blydfchap haar ontrukken. Het arm wyfje.' Ach! zie bet bukken

Voor haar eiend' Zy maakt in 't rond haar rouw bekend.

USS.ö-

Sluiten