Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II

[ 33 3

En dat even daar op verfcheiden kogels in haar huis gefchoten waren, waarvoor de kinderen in het achterfie gedeelte van het huis moesten vlugten, terwyl zy zelve een kogel tegen haare borst gekregen had, die weder te rug ftuitte en op den grond viel, welke zy daarna opraapte en vervolgens eenige dagen daarna op ordre van Burgem. van Hamel aan denzelven heeft overgegeven. ;

Dat 'de vrouw van J. H. Kniest haar in groote ontfteltems had te hulp'geroepen, en zy, na dat haare fchoolkinderen, welke zy niet -eer verlaten kon, waren afgehaald, ook dadelyk by vrouw Kniest was ingegaan. .

Dat zy, daar komende, de deur had open gevonden, en zoo man als vrouw in een achtervertrek in groote benaauwdheid gevonden hadde.

Dat zy van binnens huis gezien had, nadat 'er alvoorens gefcheld ware, dat drie Officieren, waaronder de Major Zorreth was, langs het fchuifraam op de ftoep getreden waren, waarna getuige aan den Burger Kniest had verzocht zig te willen verfchuilen, omdat zy giste, dat zy om hem daar kwamen.

Dat zy, vervolgens de deur openende, door den Major Zorreth was aangefproken, die tegens haar zeide, dat zy geen Oranjevrouw was, vermits geen Oranjelint aan haar lyf hadde; dat zy daarop had geantwoord, dat zy dat zoo fchiclyk niet had kunnen krygen, en hy vervplgens had gevraagd, of zy daar aan huis woonde, waarop geantwoord had neen.

Vervolgens had dezelve,Major Zorreth gevraagd, waar de Heer van het huis ware, waarop geantwoord, dat zy 't niet wist.

Dat hy vervolgens vragende, waar de geweeren waren, zy hem beneden geene geweeren had kunnen aanwyzen, doch dat daar op de meid van gem. Burger Kniest met hem Zorreth was naar boven gegaan, waar zy hem de geweeren aanwees; by welke gelegenheid hy, volgens zeggen van de meid, een Oud Vaandel vindende, gezegt had, dat hy den kop van haar Heer, wanneer zy hem dien aanwees, daar boven op wilde zetten.

Dat zy vervolgens met de vrouw van gem. Burger Kniest van het eene huis naar het andere gevlucht was, en zoo doende met haar in het huis van den Mandemaker Waltman was ingeraakt op een bovenkamer by daar in woonende lieden, van waar zy uit het glasraam gezien

E had,

Sluiten