Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 5» )

Dat de fjerp en Ringkraag ook aan dien Cadet zyn overgegeven.

Dat Compte intusfchen is gegaan naar het huis van den Advocaat H. W. van Meurs, naast Compte wonende, en die zy wist , dat zeer familiair met Zorreth was, om deszelfs voorfpraak by denzelven te verzoeken.

Dat gem. H. W. van Meurs toen tegens Compte gezegd heeft: nu

gy by my komt, zal ik u helpen, maar -wat moet gy hebben? Geplunderd zult gy niet worden, maar uw glazen moeten capot, en dit zal van nagt om twee uuren gefchieden.

Dat Compte daar op geantwoord heeft: dit is geen ruine al gong dit door de heele Stad.

Dat ook dien nagt quartier over twee uuren de glaazen aan Compte's huis zyn ingeflagen.

Dat Compte Zorreth niet gefprooken heeft, maar dat hy, wanneer die croup Soldaten des middags vóórhaar deur was, met den Postmeester Bouricius op ftraat ftond te praten, die hem geroepen had.

Juravit folemniter coram van Kesteren en

Raeber Cosf.

No. 36.

den 2* Juny 1795.

Comparuit Mr. H. W. van Meurs, van competenten ouderdom, en ter inftantie van Richter en Wethouders geciteerd, verkkarende:

Dat niet weet, dat op den 29 Juny 1787, den dag der plundering, des middags tusfehen 4 en 5 uuren is by hem geweest de Burgeresfe A. M. ter Hoeven, fchoon dit wel kan zyn.

Herinnert zig, dat op denvoorf. dag is geweest te Eist, om een con-

G 2 Se*

Sluiten