Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 15 ) ,

moed. Gij weetniet, sophia! of er dan niet op nieuw wat in den weg zal komen. —■

soph. Zo ras het vijf uuren is begin ik ontwijfelbaar mijn les te leeren. r—

moed. Ik heb u reeds genoeg gewaarfchuwd doe nu wat gij wilt.

Het doeg vijf uur, het gezelfchap ftondt gereed om te vertrekken: — dan bij het affcheid nemen, ontftondt er een nieuw gefprek; het eene woord gaf het ander, men vergat, dat men ten oogme.k hadt, om te vertrekken; het werdt kwartier — half zes — eindelijk kwartier voor zes uur, toen eerst fcheide men van elkander —

s o p h i e zocht fpocdig naar haar boek, doch lang te vergeefsch — eindelijk vindt zij het; — nu

was het reeds zes uur Thands begint zj met

frisfehen moed te leeren, doch nauwfjks heeft zij de fabel ééne keer overgelezen , of haar broeder komt met een doosje in de hand bij haar in de kamer.

Kijk eens, sophia! riep hij, wat ik van mijn vader prefent gekregen heb. — Dat zijn allerlieffte figuuren , foldaaten, kleine paarcen , wagens — met ontpakt hij de geheeïe doos op de tafel. Sophiens nieuwsgierigheid was te groot, dan dat zij nu nog om de fabel zou denken. Zij

be-

Sluiten