Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jansje. Dan zoudt gij van mijne moeder wat krijgen. —

barb. En waar om dat? zij zal het u toch aiïet verbieden, om met haar te verkeeren?

jansje. En juist dat heeft mijne moeder mij verboden.

barb. Niet meer met Lotjen verkeeren ? wel Wat denkt uwe moeder toch wel ? zulk een aardig, lief, vrolijk meisjen. Maar de moeders Zijn doorgaands zo. —Juffrouw Sophie mogt ook niet met haar neef Hendrik verkeeren; maar die eenvoudige moeder; ja wel, wij wisten dat alles wel te bakken.

jansje. En hoe dan?

barb. Wij wachten zo lang, tot dat Mama iemand een vifite gaf, en dan ging Sophie bij haar Neefje, of hij kwam bij ons.

jansje. En werdt haare moeder dat niet gewaar?

' barb. O! dat hadt geen gevaar: daar voor liet zij Barbertje zorgen.

jAnsjb. Maar Wanneer ik nu Lotjen een bezoek gaf, dan zou mijne moeder terftond vragen, Waar is Jansje ?

barb. En dan zou Barber ook zo eerrvouwig -Zijn, en zeggen, Jansje is bij Juffrouw Lotjen?

jansje. Wel wat zoudt gij dan zeggen?

ba o.

Sluiten