Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< M9 3

•denkbeeld verfterkt wierdt, dat , gelijk hij zijne snoeier meer dan eens, misleid hadt, hij hem -ook den voorigen avond hadt zoeken te misleiden. Lodewijk kreeg dus, bij zijn verrijzen, geen zeer vriendelijker) groet van zijn vader: deze beft-afte hem over zijne leugen. — Hij kon niets tot zijne verdediging inbrengen, en weende bitter, zijn leermeester Helde hem eenigermate gerust; uw vader, zeide hij, kan u thands nog niet gelooven; maar wanneer gij van heden af .uw voornemen uitvoert, om altijd de waarheid tc fpreken, dan zult gij zien, dat men wederom vertrouwen in u zal ftelJen. Ik heb het u immers te vooren gezegd, een leugenaar gelooft men .niet , al fpreekt hij ook eens de waarheid.; want altijd zal men denken: ja wie weet, of hij niet weer .liegt.

Lodewijk volgde den raad van zijn' leermeester getrouw op. Hij .maakte een kleip boekjen van wit papier, waarin hij eiken avond, of indien hij dan belet wierdt, den volgenden morgen optekende, het goede of kwaade, 't welk hij den dag over.gedaan of gelaten hadt, en vooral of hij ook eenige onwaarheid gefproken hadt. •—■ Hierdoor werdt hij zo oplettend op zijn gedrag., dat hij niet Hechts deze fout , die hem zo veel verdriet hadt ge. baard, te boven kwam, maar dat hij over 't geheel een braaf, zedig, deugdzaam jongman wierdt. K3

Sluiten