Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dft was de naam van dien ongelukkïgen koop» man van wien wij tot dus verre gefproken hebben. —

louize. Dat zal voorzeker die vreemdeling uit de herberg zijn ?

karel. Ja juist, die Karei Wilde medenemen?,

roderich. Neen,, kinderen! die was het niet. Het was een man, die uit Oost Ind'e kwam; h;j was bij den Bloed verwande van Robert zeer bekend geweest, en door hem gelast, cm, daar \vf toch naar het vaderland terugkeerde, tevens onderzoek te doen naar de ongelukkige emftandigheden van zijn Neef, cn of hij waarlijk door onvoorziene ramprpocden en zonder zijn eigen toedoen , in dat onheil geïomen was. Indien hij dan vondt, dat Robert onderüeuring verdiende , dan

moest hij hem een brief ter hand' Hellen.

Doch kinderen ! het wordt al wat koel; willen wij hier het verhaal niet afbreken, dan kunnenwij morgen verder voordgaan.

alle. Och!' noch een weinig — lieve Groot, yadêf! — vertel ons ten minften welke tijding die Bian uit Oost Indien bragt.

rod-ericiï. Welaan dan, maar dan ook geen woord meer. Die Vriend van den rijken Ocst-Iiv difehen Neef hadt, ten dien einde, vooraf bij andere vernomen r.aar de ^nltandigheden van Re.

Sluiten