Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 67 )

«naakt, en welk een fraaije ftof tot eene fpooklrillorie zou dat niet geweest zijn. — Van dien aard Zijn diergelijke hiftorien doorgaands. — Er is iets in, dat waar is, maar dat iets gaat zeer natuurlijk in zijn werk, en blijkt, bij naauwkeurig onderzoek, eene beuzeling te zijn, daar men er voorheen zo veel ophef van maakte. — De verftandige ilaat er, met dat al , geen geloof aan, maar de eenvouwige zo veel te meer, en deze veifpreiden diergelijke berigten van tijd tot tijd. Zoudt Gij wel onder de eenvouwigen cn dommen willen geteld worden, lieve Stam?

Const. Indien dat waar was, dat er nooit in diergelijke gebeuren isfen was, dan zo iets natuurlijks, dan zou bet wel gaan.

Vad. Het is niet anders, en kan 'niet anders zijn. — Wanneer toch de geftorvenen konden terug keeren , dan moesten zij alle kunnen terug keeren. En, indien dit waar was, waar zoudt gij dan beveiligd zijn voor fpooken? — Zoudt Gijniet wel denken, dat er in dit buis, bijkans in elk ver. trek, een lijk geweest is? Dit huis is reeds meer dan twee honderd jaaren oud. Hoe veele luien mogen hier wel al gettaan hebben? — en met hoe veel fpooken zouden wij dan te doen hebben ?

Fred. O! ik weet zo veel kamers, daar lijke» in geftaan hebben; hierin vaders kamer, heeftzur» E 2 ter

Sluiten