Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 88 )

Wacht dan .maar wat, zeide Willem , ik weet wel een Heelmeester , ik zal hem haaien, - en met een fprong hij van de ladder, zonder het antwoord aftewachten, en liep, zo hard hij kon, om den Heelmeester te haaien. Het duurde niet lang, of hij kwam met dien man terug. — De breuk wierdt onderzocht, en, helaas! men vondt, dat het rechter been in de daad midden door gebroken was. milem was bij dit alles geen ledig aanfchouwer: hij vroeg aan den Heelmeester wat hij nodig hadt, en was terftond gereed , om het nodige te haaien. — Hoe goed was het, dat Willem zo veel medelijden hadt, want die vrouw hadt aan alles gebrek. —

Hij ging dan terftond naar zijne ouders, en verhaalde hun , wat er gebeurd was, en wat hij gedaan hadt. Beide waren zeer wel te vrede, en verzekerden hem , dat hij braaf gehandeld hadde. Zijne moeder zocht zelf het nodige, en bragt het naar die arme vrouw, om tevens te zien, of zij haar Ook nog kon helpen. - Gij kunt ligt nagaan, dat deze zeer verheugd was, van, door Willems toedoen, niet alleen dien dag, maar ook vervol, gends van zijne ouderen te krijgen , 't geen zij voor haare ongelukkige dochter behoefde. — Beide waren in 't vervolg zeer bereidvaardig, om, waar zij flechts konden, aan de Ouders van fVillem,

of

Sluiten