Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 123 )

de oude man in den iring zijner kleinkinderen ge zeten was.

Grootv. Ja, Ifeve kinderen! zij ZaI terflorJ verfchijnen , indien gij flechts een weinig geduldlj hebt. — Gisteren verlieten wij de meisjens bij deun dans.

Mina. Dat heeft Louize bijzonder wel onthou-i den. Zij beeft reeds een lied opgezocht, 't welfcl bij zodanige dans kan worden gezongen.

Grootv. Ik wil intusfchen met mijn verhaal' voordgaan. - Deze meisjens dan dansten, fprongen en zongen nog van goeder harte, en zeer vrolijk, toen zij, onverwagt, in een nabijgelegen boschje eenige beweging hoorden. Zij hielden op met zingen, luisterden , ziet, daar kwam eene oude vrouw te voorfchijn j niemand fcheen haar « kennen; met dat al liep zij vrijmoedig toe. Louize, Dat is vast de Tovernimf. Karel. Val Grootvader toch niet in de rede» — gij zult dat te z jner tijd wel hooren.

Grootv. In 't eerst verfchoten die meisjens geweld,g over deze verfchijning eener onbekende in eene landftreek , waarin anders niemand plagt te komen ; de meest befchrocmde wikten reeds de vlugt nemen , doch de vrkndlijke houding en de zagtetoon, waarop deze oude vrouw haaraanfprak hieldt haar terug. Z,j was in 't groen gekleed,

hadt

Sluiten