Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 125 )

kenden. Men zegt, onder anderen, dat de Princes Roosje, die ook wel eens Beosjé genoemd wierdt, niet meer dan eene knosp, en geen bloem kreeg, en dat deze knosp r.coit beeft gebloeid, maar altoos eene knosp gcb'even is. — Ik verhaal het u, zo als ik bet gehoord heb, en dus weet ik niet, of al , wat men van h?,ar zegt, gegrond of

ongegrond is. Niemand, dit weet ik zeker, heeft

de gefchiedenis van haar leven ooit opgetekend ,

om dat dit meisje ove ral s en kwaade naam hadt. —< De Tovernimf ....

? Louize, Ziet gij wel, Karei! dat moeder Gfoert

eene Tovernimf is ? Karel. 't Was.ook zeef moeilijk, om dat ter-

Hond te begrijpen, — r.kz wra: ?

Mina. Karei! Karei! — dit is nu de twede'

keer, dat gij zo- bits antwoordt. Herinnert gij u

Wel Uwe beloften » Louize. Oi Karei meent het toch zo kwaad

hiet.

Karel. Dat is ook zo, kleins fnapfter, wie kan wel boos worden op u. — — J\u, iaten wij Grootvader niet ophouden. —

G Roe tv. (tegen Karei) Ziet gij ondertusfchen niet, dat gij, door uwe fpotternij, het verhaal nog langer ophoudt. Ik heb beloofd , cm de2e gefchiedenis heden nog ten einde te brenger;. —

Laat

Sluiten