Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C «7 3

Laat zij dan praaten, zo veel'zij wil , zonder er u mede te bemoeijen. Laat bet liever aan mij over, om bet haar , wanneer ik het nodig oordeel, te verbieden.

Karel. Verfchoon , lieve Grootvader 1 deze mijne voorbaarigheid — ik zal er mij voor wachten. ——

(De Grootvader vervolgde) — De Tovernimf, moeder Groen (zij was het toch, zo als Louize te regt heeft geraden) ging, na dat zij deze gefchenken hadt uitgedeeld , weder terug in het boscb, en geene van de meisjens zag haar vooreerst weder.

Lang ftonden zij verbaasd over deze verfchijning, en zagen naar die plaats, werwaards dit vrouwtje gegaan was. Zij vergaten dans en fpel, en alle de fraaije bloemen , die zij met zo veel moeite ge. plukt, en in een krans gevlogten hadden. Allen hielden de oogen gevestigd op de bloemen, welke dit oude moedertje haar gegeven hadt; deze bewonderden zij, daarover vei heugden zij zich. De eene toonde aan de andere haare bloemen; en vervolgends fpoeden zij zich t'huiswaards, om dezelve aan haare ouders en vrienden te vertoonen. Nina was de laatfle niet: fpoedig was zij bij haare voedfter Leda, wees haar dien fcnat, en verhaalde, met de grootfte blijdfchap, het voorgevallene. —■ Zij plaatfte dien tak in een fraaije bloempot, en

kweek-

Sluiten