Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C K>4 )

hij i wie in dat groote fraaije gebouw woonde, 't welk boven alle overigen uitftak? Gij begrijpt wel , dat d:; het paleis des Knnings was. —— „ Daar, (zeide de Grijsaard) woont een Koning, ,, die over zeer veele menfchen het gebied voert. „ Hij is, als 't ware , de vader van een groot en „ roagtig volk. Van hem hangt de weivaard van „ dat volk voor een zeer groot gedeelte af. — „ Alle de bewooners van zijn uitgebreid rijk zijn, „ als 't ware, zijne kinderen; — bedenk nu eens, ,, hoe veel goeds zodanig een man doen kan, „ wanneer hij wil. Maar gij begrijpt wel, dat „ die ééne man niet overal zijn .kan , dat hij ook „ zo veel te doen heeft, dat hij alles niet alleen „ afdoen kan ; en dat er zo veel gelegen ligt, ,, aan.'t geen hij doet , dat hij wel goeden raad ,, noodig heeft. — Hierom moet deze groote man „ ook andere menfchen hebben , die hem in dit ,, alles te hulp komen , en die, of door hunnen „ raad , of door daaden , het zij hier in de ftad, „ of door 't geheele land, medewerken , om die „ inwooners, die kinderen van den Vorst, geluk,, kig te helpen maa';en. — Zoudt gij niet wel „ ten minden onder die geenen willen behooren, „ die den Vorst; behulpzaam zijn , en hem met „ raad of daad underfieunen , die met hem arbei„ den aan 't geluk van zo veele menfchen? AI

» wa.

Sluiten