Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toeten neder met eene drift, die alle de omftsrrders en ook den Koning verbaasde. —

„ Om het leven van mijnen Vriend fmeek inriep Almmzor — „ breek uwe koninglijke belofte ,, niet, die mij heden van uwe gunst verzekerde-— „ fchenk mij het leven van mijnen vriend?" — Meer kon hij niet fpreeken. — Magteloos zonk hij neder voor den troon, toen'; in dat zelfde oogenblik , de Grijsaard binnen tradt. — Terftond herkende de Koning hem — en, hoe zeer dit tooneel van Almanzor hem verbaasd hadt, wilde hij zijnen troon verlaten , en hem te gemoete gaani De Grijsaard gaf hem een wenk, en gaf hem re verftaan, dat hij hem alleen moest fpreken. — Alles verwijderde zich — ook Almanzor zou zich hebben moeten verwijderen, doch de Grijsaard richtte hem op, floot hem in zijne armen, — en zeide, „Neenl „ langer moet gij het geluk niet ontbeeren van be„ mind te zijn." Hij bra^t hem bij den Koning, die geheel opgetogen van verwondering niet wist, wat hij van dit tooneel moest maaken. — „ Hier, „zeide hij, omhels uwen Vader, en. maak hera „ door uwe liefde gelukkig, — zo gelukkig, als „ hy verdient t» zijn." — ■ Eisch niet van mij, dat ik u dit tooneel afmaale, veel min eene befchrijving geve, van de ontmoe» ting der Koningin,, die binnen kwam, en haaren

Zoonj.

Sluiten