Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 401 )

Xenophon, een Grieksch Schrijver, het gebruik, bij de Perftaanen , in hunne openbaarë gefiichten van opvoeding en orderwijs der jeugd, dat kinderen hunnt medefpee'makkers moesten beoordeelen, wanneer zij kwaad gedaan hadden , en als dan moesten zij ben vonnisten volgends de Wet. Wie eene uitfpraak deedt, ftrijdig met de Wet, en dus onregtmatig of partijdig te werk ging, wierdt zelf geftraft. —

Hier door — en door andere omftandigheden —■ vooral ook, om dat Astyages en zijne hovelingen dit nog al aardig vonden, was Cyrus wat fnapagtig. Echter ftraalde daarin geene kwaaaaaa'digheid aoor, maar veeleer eene zekere gulheid en goedaardigheid , waardoor men zijne te groote fnapachtigt heid verfchoonlijker vondt. — Zijne vrijmoedigheid was, met dat al, zeer befcheiden; en nooit veroorloofde hij zich eene te groote vrijpostigheid. Naarmate hij echter ouder wierdt, verminderde zijne vrijmoedigheid, vooral omtrend den Koning Astyages. — Hij wierdt meer befchroomd, doch onder zijne fpeeimakkers bleef hij even vrolijk — Hij was vol moed. Iri de ftrijdoefeningen met de jorgelingen nam hij het nooit op met hun , die jonger en zwakker dan hij , waren, maar veeleer mat hij zich met grooter-j en fterkere, dan hij. — Wierdt hij overtroffen door hun , hij achte hen er N 5 niet

Sluiten