Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< ai >

Vergadering van Gedeputeerden van Ingelanden van Rhijnland, gehouden den 24. April 1799., in het Gemeenlandshuis te Leyden.

D e Commisfie van Hoofd-Ingelanden van Rhijnland declafeerd door den mond van haren Prsfident, P. van Veen , alle de ingekomene Credentialen geëxamineerd en in orde bevonden te hebben, en dat alle de Gedeputeerden van een behoorlijk Credentiaal voorzien ziin. behalven de Burgers van Leyderdorp L. Mulder en G. van Rhiin , die in de Vergadering compareerden op hun Credentiaal , bij de laatfte Vergadering geproduceert , naar dien geene andere Ingelanden, dan zij , in hunne Grondvergadering waren opgekomen, weshalven de Prsefident der Vergadering in overweging geeft: „ of men gemelde Burgers evenwel niet behoorde te admitteeren. Waar od , na deliberade , door de Vergadering begro pen is, dat men alle reden had, fchoon gemelde » Burgers tegenwoordig op hun vorig Credentiaal ter Vergadering verfchenen , in hunne perfoonen crediet te Hellen en dus deze Burgers op 't zeilde Credentiaal, waar op zij voorheen ter Vergadering verfchenen waren, te admitteeren. Waar na, lefture gedaan zijnde van de lijst der prelente Burgers , bleek, dat uit de Diftriéten, of andere Huishoudelijke verdeelingen piasfenj; waren de volgende Burgers, als:

B 3 Dis'

Sluiten