Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jOver Exodus XXI vs. i"6. ?■

welk eene afgrijslijke euveldaad maakt hij zich dan fchuldig, die mijnen braaven nabuur , flap hen getrouwen knecht, mijn gehoorzaam kmd, of mijne beminde huisvrouw opligt, om den eenen of anderen wechtevoeren naar een vreemd en geheel .onbekend gewest, om nimmer wedertekeeren! Deeze fchennis van de geheiligde rechten der vrijheid, der billijkheid, en der menfchenliefde wordt nog aanmerkelijk verzwaard, wanneer die fnoodfte aller dieven voorheeft, om hen, of zelf als de verachtelijke flaaven, gelijk die in de Britfche West Indien, te behandelen, of, om hen tot dat gruuwehjk en wreed oogmerk aan anderen te verkoopen. In elk een van deeze gevallen, en veel meer nog wanneer beide te faamen gaan, zullen de reden en het gewisfe, de gcfitèfelk. gevudens en aandoeningen des menschdoms , zich alle vereenigen — indien niet door gierigheid bedorven , of door gewoonheid verftompt — om deeze wet van Jehovah goedtekeuren: Zoo me eenen mensch ft eelt, het zij dat hij dien verkocht "heeft, of dat hij in zijne hand gevonden wordt,

die zal zekerlijk gedood worden.

Er is ook geen mensch op den aardbodem , zelfs -niet onder hun, die in menfehendieverij, en in het verruilen van brandewijn of beuzelingen voor menschlijk vleesch en' bloed, A 4 gr%

Sluiten