Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8 Aanspraak.

gen wagten thans nog op de komst van den Messias: fommigen blyven volftrekt ongeioovig. en gceven de hoop op: anderen twyfelen geheel, en ftortten in het grootfte bederf, ik meen , in de Vrygeestery : en weinigen, van zagteren aart,

weeten niet , wat zy doen zullen. ■

Ondertusfchen blvft de joodfche Natie over de geheele Waereld verftrooid, en, hoewel zonder Koningen, zonder befcherming, zonder wapenen, en zonder voorfpraak , verwonderlyk bewaard. 'Er is, nu en dan, maar één uit dezelve, die op Je sus ziet, welken zyne Voorvaders doorfteeken hebben. Dan, hierin erkennen wy Göris hooge Voorzienigheid, naamlyk , dat Hy iets grootsch met dit Volk voor heeft, het geen, gelyk Gy weet, ten beftcmden dage het Evangelie zal aanneemen , en gansch Israël zalig worden. Eénen dier Natie, op Je sus ziende , mogen we, als een voorteken, houden van het geen ontrent dezelve gebeuren zal. —— De treurige Ondervinding heeft ons wel geleerd, dat allen, die in onze tyden het Evangelie aannamen , niet uit God waren; want anders zouden zy by ons gebleeven zyn : dan, hoe veelen ons, of liever zich zeiven, allerdeerlykst bedroogen hebben, 'er kan,

on-

Sluiten