Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dergccncn, die aan deezeopenbaare ampts. bekleeders gehoorzaamheiden liefde fchuldig zyn?

Der heeren ?

80 II. AFDEELING.

1 Cor. 4. 1. 2. Alfoo houde ons een \je~ der] menfche, als dienaers Christi ende uytdeelers der verborgentheden Godts. Ende voorders wort in de uytdeelers vereyfcht, dat elck getrouw bevonden werde.

Dat, integendeel, ook dengeenen, die zodanig een ampt bekleeden, hoogachting, gehoorzaamheid, en liefde toekomt, in al zulke gevallen, waarin zy de pligten van hun ampt volbrengen.

Rom. 13. 7. Geeft— een yegelik dat gy fchuldigh zyt — eere , dien gy de een [fchuldigh zyt.]

Heb. 13. 7. Gedenkt uwer voorgangeren , — [en] volgt haer — na.

Dat evenzo ook heeren hunne dienstboden met goedheid behandelen, hen hunnen dienst door zagthcid draagelyk maaken, het behoorlyke loon voor hunnen dienst niet terug houden, en ook voor de verbetering van hun hart cn zeden zorg draagen moeten.

Eph. 6. 9. Ende gy heeren doet het felve by haer , nalatende de dreyginge: als die wetet dat oock uw' felfs Heere in de hemelen is.

Col.

Sluiten