Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 6 )

verlangen der hoorderen — noch aan uwe verdienften voldoen zal knnneu! — Gy, die niet alleen kloekmoedig het ftrydperk der kunst zvt ingetreden, maar ook, in weerwil uwer meer befchroomde kunne en uwer tedere jaren, U als heldinne de fcboonfte Lau. Werkrans ——— die van eigene verdienden —— bevochten hebt! de kenner aanfchouw uw werk,

en alle lof daar van wordt nodeloos; daar het flerker voor zich zeiven fpreekr dan de vlugge tong des besten Redenaars het zoude kunnen aanpryzen. - >UJ üntfang dan alleen die hulde, die wy in U de fchone fexe toebrengen, dat wy belyden de waarheid door ervarene menfchen kenners opgemerkt in U bevestigd te zien, dat het voorrecht, den man in zyne fterkte gegeven, rykelyk wordt opgewogen door de fynheid van gevoelige ziels vermogens, die de natuur aan uw

geflacht heeft toegedeeld. Wy verzoeken U

uit naam der kunst om door uwe. talenten zoo yverig te blyven medewerken aan den bloei dezer Academie, als gy daar in tot aller bewondering begonnen zyt —. op dat uwe volmaking op deze inrichting haren luister weerkaatze , en uw voorbeeld een talryke fchaar van fchonen om dit altaar der kunst doe vergaderen.

Gy verdere Leerlingen, die na den Rang in deze JLjasle gedongen hebt! ook uwe yver verdient allen

lof, en uwe vorderingen zyn voortrsffelyk wy

vertrouwen, dat in ö dat gevoel van befcheidenheid plaats heeft, dat U zelfs zal doen verheugd zyn over. Wonnen te wezen door de kunst van haar, die gy hier in de eerde Plaats ziet optreden; volgt met yver haar voetfpoor, en haar lof zal de uwe zyn.

In de derde Order zyn voor even verdienftelyk geoordeeld P. Gobbels en B. de Cbarro, en aan G. % Geufendam is de twede Plaats toegekend.

Wanneer men uw werk aanfchouwt!, lofwaardige jongelingen ! zo zou de vreemde Kunstkenner vragen is dit niet een arbeid van mannen die in

de kunst zyn grys geworden? ■■ Van kunftena-

ren dia hunne Jeugd, en hunnen manlyken leeftyd in de School der kimden hebben doorgebracht? _ die de hand enes kundigen ontleders in het weeffel

der

Sluiten