Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

io BERICHT WEGENS HET

nog geen Zilver", zeide staal, „ doch, als er een uur verloopt, zal het Zilver zijn". Ik hakte een klein ftukjen van dit Koper, om het naderhand te kunnen toetfen, en vroeg staal, wat er nu wijders van dit Koper moest worden ? Staal trok hierop een papier uit zijn zak, waarin een aschgraauw poeder was. Hij deed twee mespunten van het zelve op een ander pa. pier, kreeg uit zijn broekzak een glaasjen van een vingerlangte met een geel Tinctuur; van het zelve liet bij flechts een enkelen druppel op het poeder vallen, en ftak daarop dit glaasjen met zijn overig poeder in zijn rokzak. Hierop zeide hij mij, dat ik nu maar het Koper in een kroes moest fmelten, en als het vloeibaar was, het bevochtigde poeder er in werpen. Ik liet mijnen Muntwerker, dien ik zo lang uit de kamer had laten gaan, terug roepen, en beval hem het Koper oogenblikiijk te fmelten, en als het vloeibaar was terftond het papier, waar in het met het Tinctuur bevochtigd poeder was, er in te werpen, enz.

De Muntwerker voerde het bevelnaauw. keurig uit, en in den tijd van een uur bragt

hij

Sluiten