Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

A E N S P R A K E N,

/ürfiet daar, Kinderen f uwe naerstigheid Beloond! deze prijzen worden u gefchönken , niet alleen, als eene beloning , om dar. gij uwen lust' tot lerén hebt getoond: maer ook als ene verdere aenfporing tot naerftigheid. Begrijpt gij zeiven niet , lieve Kinderen ! het voorregt, dat gij boven velen geniet, zijn niet velen uwer fpeelmakkers, die niet in de fehool gaen, doorgaends dom, enzoudt gij dit óok niet blijven , indien er geene menfchen waren, die u lieten onderwijzen? ó hoe fchandelijk is de domheid! en wanneer gij u nu bij tijds aan den arbeid wendt, dan zult gij grote voordelen behalen — tot gedurig fpelen zijt gij toch niet in de waereld gekomen, maar uwe belïemming is grooter — gij moet ook eens mannen, en vrou* wen worden , en dan aen de algemeene werkzaamheid deelnemen — nu, gaet dan vlijtig voord in 't leren — wij eisfchen van u niets dan naerstigheid. ö Bezeft gij, het geluk, dat daer uit voord-

vloeii

Sluiten