Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

182 DÉ DOOD VAN R O L L A.

bekommert zich een Moeder om den troon vari Quito? Komt hier. gy Moeders! wien de zege' kinderloos maakte; helpt my vloeken, dat ons jammerend gehuil te gelyk met het vreugdegefchrei van deezen barbaar ten hemel opklimme! en als hem daar de zielgrievende fmart flechts van één ongelukkige kinderlooze Moeder voor eeuwig foltert, dan is hy genoeg geftraft. (Zy valt, uitgeput van krach, ten, op de aarde neder!)

alonzo. (haar in zyne armen vattende, tegen Ataliba.)

Vergeef de onzinnigheid eener Moeder!

Ataliba. (een traan uit zyn oog wisfchende.)

Ach! de troon heeft geene vergoeding vöör zulk een traan.

cora. (lachgende.) Alonzo;, ik gevoel pyn in myn borst, geef my het Kind, dat ik het zooge. (Uitgeput van krachten.) Gy zyt wreed, Alonzo —• gy ziet dat ik fterf, en wilt niet dat de Moeder zich nog eenmaal verheuge in de lieve lachjes van haar fchuldloos Kind.

alonzo.

Ach, deeze klachte verfcheurt myn hart nog grievender dan uwe woede. Ja woed, arme Moeder, gy hebt geen Kind meer.

cora.

Arme Moeder, gy hebt -üem Kind meer!

N E

Sluiten