Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vak Ma rïihbü*«. ?ï

Resl en al gerust te ftellen, Iaat ik aan haar zelve over! (Zy gaat heen.)

ZEVENDE TOONEEL.

Gluck, Eduard.

Eduarb, (in gedachten hy zich zeiven.) Ja, dat zal eerst een liedje worde', een liedjè dat den Czaar nog veel beter bevallen moet. . i • Gluck, (hy zich zeiven.)

Zou het mogelyk zyn ? Een vrouw , zd

goed , zo liefderyk , zo menfchelyk , en tdch

nauwlyks durf ik het my zeiven zeggen —

toch de koppelaarlter van, den Czaar?

Eduard, (hy zich zelven.) Dat past juist op den text. Het luidt plegtigett krygshaftig

Gluck, (by zich zelven.) O waereld aan het hof! Wee u, ongelukkige vader! Het bevalt haar wel in dé handen van haaren roover.

Eduard, (by zich zelven.) Zo is het beter. Daarby kan de fehalniei óölÉ gevoeglyk gebruikt worden.

Gluck.

Eduard Eduard!

V. Deil. F F auarb»

Sluiten