Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 96 >

ir. da dingen, die zco daaglijks voorvallen, en die zonder vragen duister zijn en blijven? Nu, ik hoor mede onder het getal der genen, die geern vragen, om zoo mijne kundigheden al gaande weg te vermeerderen, mag ik dan nu ook ééns vragen en mede praaten? Mijne groote vraag, die ik doe, is; Wat is toch Eendragt? Is dat eene overtollige vraag? Gij zegt misichien, hoe komt die thans te pas, nu door de gezegende Omwenteling de rust hcrfteld is? rnaif kan ik iet helpen, dat ik onnozel in de wereld kwam, en dat ik nog zoo eenvouwig ben, om te vraage;i: Wat is toch Eendiatf? Ik ben zulk een liefhebber van vrede, dat ik geern een hoekjen in de wereld kende, dtar Eendragt leefde en heerschte. Weet gij ook zulk een hoekjen ,

Daar broeders in eendragtighti.1 bevonden, Niet meer leven ais katten en honden,

zoo als de Voorzanger las in de Pfitlmen van datheen? De wereld is zoo groot, zou 'er niet hier of daar een ftukjen land zijn, daar de menHerien eensgezind leeven, en zonder eikanderen te plunderen of dood te flaan, zonder zelf te weten, waarom?

Mijn lieve Heer vraaö-al! poftto, wij willen de wereld eens gaan doorfnnffelen, en dat land opzoeken, waar Eendragt den fepter zwaait, en de menfehen gelukkig leeven, kijk, ik heb geene kennis aan den Profeet van den Overtoom , maar mag ik evenwel niet mijn voorgevoel zeggen? Ik vrees, al reisden wij met christof pel col u mi; ti s de wereld rond, het zal moeilijk zijn, om zulk een gezegend plaatsjen te vinden; of het moest te Geneven zijn, daar men, met een aartig huismlddeltjen van brandfpuiten, het vuur van tweedracht en overheerfching gebluscht heeft. Maar waarom zouden wij niet ergens Eendragt vinden? wel, mijn lieve man,

ab

Sluiten