Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 35° >

bij den Koning kwam , wanneer de klomp boter met» kei ijk was verminderd , door dien aan elks band iets bleet' kleeven. De Koning kon nu de toepasfing maaken ! Keizer ka hel de Vijfde, hadt een jong Heeró dien hij begunftigen wilde , in Braband een ambt gefchonken', het welk betrekking hadt tot de Fmantiëo ; d" jonge Heer maakte vrij wat werk van zijne vermaaken, en wat is dan Eerlijkheid? Toen het op het doen van rekening aahkwahl, was hij daar toe niet in ftaat. Uitftel was zijn beste verweer. Eindelijk wilde de Keizer, aangeftookt door zijne Raaden, zijn gunftehng zou reke. ning doen , het kostte, wat het kostte. En wat deedt nu onze Secretaris ? Hij hadt gedaan, gelijk de geenen, die het dichtst bij het vuur zitten, en zich gewarmd t en waar is ook ooit een kok voor de kombuis dood gebleven ? Maar nu rekenen! wel nu , bij verklaarde, geene rekening te Willen doen, dan Openlijk en in tegenwoordigheid van de Heeren Raaden van zijne Maje'teit. KaReL, die wel wist, hoe het met zijne eerlijkheid ftondt, was verwonderd , hoe dit zou aflopen, i e man verfcheen, beladen met eene vracht van boeken en papieren. De oogen van allen waren op hem gevestigd. Uwe Maiefteit gelieve te weten, zeide hij eindelijk, dat, wat moeite ik heb aangewendj ik echter mijne rekening, niet heb kunnen goedmaaken, ik heb daarom alle mijne napieren en documenten medegebracht, en verzoeke allerootmoedigst, dat uwe Majefteit deze Heeren, die hier tegenwoordig , en aan zulke rekeningen gewoon zijn , pelieve te bevelen mij , die nog onërvaaren ben , de behulpzaame hand te bieden, in het opmaaken der rekening, welke ik dan geheel niet twijfele , of zal akkoord bevonden worden. De Keizer begreep de mening dezer woorden, de Heeren voelden den fteek , en de befchul-dige Bediende werdt met eene liefderijke vermaning heen gezonden, hij zou in vervolg bedenken: Wat ts Lerlijk-

heWat is Eerlijkheid? Mahomed al ij g eg werdt. door Schach abbas den grooten. van eenen Herder tot eenen Hoveling gemaakt , en na proeven van zijne bekwaamheden en eerlijkheid gegeven te hebben, tot Ichau meester aangelield. Zoo lang abbas de edelmoedige leefde, bleefAlij bic in aanzien, hoe zeer de nijd der hovelingen grimde; bij zijnen opvolger, den wreed» en wantrouwenden «ei i. vonoen z-j ingang. Daar werdt een fabel met edelgefteenten omzet , uit de fchatkamer gemist, deze gelegenheid nam men waar, alij «eg

Sluiten