Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

's HERTOGENBOSCH. TONEELSPEL, f

mogt gy flegts de kunst verltaan, om deeze donderklooten , alleen op den kop van uwe haaters te fmyten.

TWEEDE TONEEL.

FERDINAND, MAODALENA. KACDHINA.

Ach.' myn lieve vader' hoort gy dat vreeslyke fchieten wel?

FERDINAND.

Gy weet immers,myn dogter! dat ik niet doof ben? Ik hoor het, ja.' maar nimmer heb ik het, in myn veejjaarigen krygsdienst, met zulk een heimlyk genoegen gehoord.

MAGDAL ESA.

. ja! dat geloof ik zeer wel Vader! die oude voerluiden hooren nog zo gaarne het klappen van de zweep. Als er u een kogel om de ooren fiiört, dan befpeurt men geen de minfte verandering op uw gelaat ; dan

kunt gy er nog om lachen. Maar, wy, arme

vrouwen en meisjes, wy zyn aan die moordflagen niet gewoon: 't is of elke kogel ons door het hart

vliegt, en eike houwitfer ons op het hoofd valt. •

Kyk,om u ronduit de waarheid te zeggen,ik heb zeef weinig in- of uitwendig genoegen by dat doodlyk fpe!. Men moet een zoldaat weezen, en dat wel een zoldaat met een heldenhart, om er zo lugtig over te denken als gy doet.

A 2 \ F ER-

Sluiten