Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

's HERTOGENBOSCH. TONEELSPEL. 7

ferdinand, ter zyde.

,, Zy zou niet gaarne zien dat hy bang was.'

0/ Dat is braaf. Zy bemint een heldenhart

in haar minnaar. Zy bemint regt naar myn

fmaak."

TWEEDE TONEEL.

ferdinand, M a ü D A I. E N A > KAKEt. MAp OAIENA

Gy hier, Karei.' Hoe! wat heeft dit te beduiden? ik hoop immers niet, dat gy bang zyt?

karei.-

Ja! wel degelyk ben ik bang, myn waafdjtte Mag1 dalena!

MAGDALENA.

Dat fpyt my.

KAREI,

En waarom fpyt u dat?

MAGDALENA.

Om dat ik een afkeer van alle bange en laffe zielen 1 heb, en om dat ik, in myn minnaar,den onverfchrokliken man, den dapperen held wensch te vinden.

FERDINAND-

Karei! wanneer gy het meisje voor uw liefiïa bchouJden wilt, ga dan daadlyk de kelder uit.

m A S-

Sluiten