Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-( 4* )-

/cheidén goede inrichtingen maakten, de wetenfchappen inveeröen en befchermden, ruiling en handel mei de nabuufen aanvingen en onderhielden — en dus werd mijn vaderland, door verftandig overleg, door vlijt en arbeidzaamheid, dat gene, wat het thands is. Welke braave mannen moeten niet zij geweest zijn, die zo veel goeds ftichtten, en zulks niet «echts onderhouden, maar ook konden vermeerderen! — Steunpilaaren des -vaderlands, die het tegen allerleie aanvallen en beroeringen verdedigden, en zich thands in een béter leeven over den zegen verblijden, welken zij in vorige dagen alhier verfpreid hebben.. Ach ! mogt ik eenmaal die waarde verkrijgen ! Doch — het hangt immers van mij af, als ik maar wil — ik zal mijne waarde 'handhaaven, mijn ligchaam en. mijne ziel verfterken en verheffen — als een ontzenuwd wellustige beu ik buiten ftaat, om iet grootsch te verrichten. —""

„Bij deze aanmerkingen, welke aanleiding gaven tot eene veel breedvoeriger onderhandeling, dan ik u thands kan mededeelen, werd de Jongeling hartelijk getroffen. Nog nimmer was hij dringender overtuigd geworden ; nog nimmer had hij flerker gevoeld, op welken verderflijken weg hij gewandeldhad: nog nimmer was de ftem van eenen waarfchuuwenden vriend, met meer kracht, tot zijn hart doorgedrongen: nog nimmer had hij zulke heilige voornemens gekoesterd, als op dezen dag, welken de Voorzienigheid, als 't ware, ten zijnen voordeele fcheen beftemd te hebben. De Gouverneur had hem op dezen zelfden tijd nog veel kunnen

voor-

Sluiten