Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IX.

F R A N S,

(Eene Romatici.)

Aldaar, waar de EMs fchoone rand Het land

Metzagte golfjes, fehijnt te groeten; Aldaar, waar zagte, reine lust De wang der jeugdige oufchuld kuscht,

En 't heil den vrede komt ontmoeten: Aldaar gebeurde een vreemd geval, Dat ik in 't kort verhaalen zal.

'Er Hond, niet ver van de Aroom,

Een boom, Die met zijn loof een hutje dekte:

Daar woonde Frans, in ouden tijd, Arm, eenzaam en nogthans verblijd, 't Zij hem de vroege morgen wekte,

Het zij de flaap zijne oogen look, i En Frans in zijne koe-huid dook.

Eens lag de jonge Visfchers - knaap In flaap,

Toen een gebons hem wakker maakte; Een holle ftem riep : „ Frans, her uit,

Rasch

Sluiten