Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B IJ D R A G E N

TOT HET

MENSCH EL IJK GELUK. I.

ZIELKUNDIGE AANMERKINGEN over het L A GC HE N ;

Bijzonderlijk, over eene ZOORT van ONWILLEKEURIG LAGCHEN.

C ■

VJ-ehjk de vermogens va» den mensch , volgends den geheelen aanleg zijner natuure , in veele opzichten , die der dieren zeer verre overtreffen, zoo heeft hij ook eene hem bijzondere wijs, om zijne vreugde en fmart uittedrukken , welke wij eigenlijk bij geen dier ontmoeten. De mensch lagcht, wanneer hij zich over het een of ander , op eene leevendige wijze, verheugt; gelijk zelfs nu en dan in den droom gefchiedt. De mensch weent, wanneer hij, of, in eigen perfoon, eene ligchaamlijke pijn , of hartenleed ondervindt , of door het lijden van anderen ' zeer bewogen wordt; terwijl hij , in het laatfte geval , zich , door eene fpoedige, nu eens zwakke, dan eens fterker , vertegenwoordiging van zoortgelijk ondergaan lijden , in de plaats van anderen H.D.ILS. H ftei.

Sluiten