Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C 128 )-

te veel infpanning , en, tegen de regels van' de gezondheid des werktuigs, gefchud, dan gelooven wij, dat de gewaarwording onaangenaam is. Hoe na grenzen niet vergenoegen en fmart aan elkander, bij het wrijven van eene wonde! Het eerfte wordt door eene zagte beweging, het laatfte door eene fterker, veroorzaakt. Het licht derzonne, wanneer ons hetzelve van andere ligchamen , inzonderheid door verwen, wordttoegekaatst, is ons aangenaam en weldaadig; daarhetzelve ons integendeel pijn in de oogen veroorzaakt, wanneer wij ons gezicht zeiven naar de zon wenden. Het zagte en harmonifche van de mvfiek deelt zich aan ons gehoor, op de alleraangenaamfte wijze, mede ; dringt zelfs in de ziel, en

wekt

alle- onze denkbeelden , en van derzelver ontelbaare afwisfelingen, zoude ons dan bekend zijn. Wij zouden veel duidelijker, dan nu,, weten, of wij, volgends onze geheel vrije willekeur, van de eene gedachte tot de andere overgaan; hoe de denkbeelden op onzen wil werken, en in hoe verre wij eigenlijk kunnen gezegd worden, vrij werkende of niet vrij werkende wezens te zijn. Nu kennen wij, om ons eens zo uittedrukken , het inwendig raderwerk van onze gewaarwordingen en voorftellingen Hechts uit deszelfs uitwerkzelen, en verder niet. Nu behelpen wij ons flechts met eene ondeifcheiding, welke de fchoolgeleerden ons aan de hand gegeven hebben , ten aanzien van twee tegen elkander ftaande zelfftandigheden; — eene enderfcheiding, welke wel niet geheel van allen grond ontbloot, doch echter, ter opheldering van de natuur en werkinge onzer ziel, niet toereikende is.

Sluiten