Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—C 233 )—

trekking meer uiterlijks vordert, hebben eene goede maate van gezond verftand en braafheid noodig, om zich door allen dezen geleenden glans geenszins' te laten verblinden.

S- V>>

Uit kleenighedén kan mea, in het algemeen, een vrij regtmaatig befluit opmeaken , ten aanzien van iemands huishoudcnlijke orde. Hij, die nimmer pen en inkt bij de hand heeft, en die geene acht flaat op kleenighedén, zal zo wel tegenwoordig, als voornaamlijk in het toekomende, zijn huishouden in eenen Hechten ftaat laten: want kleenighedén bij één te houden, en de orde, zelfs tot in de geringde dingen, in acht te nemen, maakt het charakter uit van een goed huishouder. Menig een doet zich, voor hen uiterlijke, voor ais een man van middelen , voert eenen grooten ftaat, draagt een met goud geborduurd kleed, en borgt intusfchen kleenighedén van anderen, die veel flechter gekleed gaan, dan hij. Het vervolg zal toonen, wie van beiden het best zijne reekening gemaakt hebbc.

Op gelijke wijze is het met de vrouwelijke Kunne gefteld. Men behoeft bij haar alleen acht te geven op kleenighedén, of zij in 't geheel zorgeloos of achteloos zijn , dan of zij in alles , van het grootfte tot het kleenfte, eene behoorlijke orde in acht nemen, en men kan hieruit vrij zeker opmaaken, welke Vrouwen zij in het toekomende zuilen wezen. Men lette vooral op haare (kapkamer ; of alles aldaar in orde gefchiktis, of niet; of het bed van den morgen tot den avond onopgemaakt blijft

lig-

Sluiten