Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—( 37Q )—

i ren en over 't geheel een teder en zieklijk geitel heeft. De toekomende Regent, Krijgsman , Regter, Geneesheer, Heelmeester enz. moeten in verre na zp weekhartig en medegevoelig niet worden, als het teder Meisje, de zagtaardige Vrouw, de welleevende Ho,r veling en de befpiegelende Geleerde, die alleen op zijne kamer arbeidt.

De Vrouw, welker geheele beftemming een tederer gevoel vereischt, mag en moet gevoeliger zijn, dan de Man, die tot een werk/.namer leeven, in eenen grooter en ruuwer krinji van werkzaamheid, verordend is. De vreedzaame Burger, de ftille Eigenaar eener landhoeve, en de befpiegelende Geleerde kun,nen eene grooter maate van aandoenlijkheid verdragen,.dan de Wondheeler, de Krijgsman en Staatsbeftuurer. Dus moet de Opvoeder, zo niet,,volkomen zeker, ten minften van nabij weten, in welken grond, in welk zeden ijk en ftaatkundjg klimaat, de plant, welke hij opkweekt, zal geplaatst worden, om zich daarnaar te kunnen regelen. Hierbij , ech» ter, moet men nimmer vergeten, dat juist die menfehen, wier beftemming eene grooter maate van aandoenlijkheid verdragen kan, reeds door hunne geheel ftille en tedere leevenswijze^ doorgaands eene grooter zwakheid en prikkelbaarheid van zenuwen vprkrjjgen, en, uit dien hoofde, in hunne jeugd niet de grootftV omzichtigheid moeten behandeld worden, wanneer men zal willen verhinderen, dat. hunne toekomende aandoenlijkheid de paaien waarlijk te buiten ga. ?t Is daarom in geenen deele raadT &W> f*e weekhartigheid bij zulke perfoonen daa=

Sluiten