Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-( 472 V-

Vooreerst; laat hij, die voornemens is, een vreemd land te bezoeken , vooraf zijn eigen vaderland zo naauwkeurig mogelijk leeren kennen. Om den mensch te zien , zo als hij is, moeten wij hem befpieden in zijne bezigheden , onder zijne Kinderen , of bij zijne uitfpanningen , wanneer hij aan zich zelvea is overgelaten. Dit nu kunnen wij nergends gepaster en zekerer verrichten, dan ter plaatfe, daar wij zeiven onze belangen hebben, en ons in eene ciaadelijke verbindtenis met andere menfehen bevinden , terwijl'die, welke, de reizende vriend met den inboorling aangaat, alleen uit nieuwsgierigheid of tot vermaak plaats grijpt. In het land , daar wij woonen, hebben wij gelegenheid , naar die Mannen te vernemen , van welken wij eenig voordeelig bericht ontvangen ; wij kunnen, van tijd tot tijd, de beste voorwerpen opfpooren, bij welken wij , in alle vakken der wetenfehappen , de meest gepaste opheldering kunnen bekomen. In een vreemd land, daartegen, is het doorgaands eene loutere toevalligheid , welke ons bekwaame gelegenheden tot onderrichting aan de hand geeft. Wü zijn altijd in gevaar , om meer of min bedrogen te worden , omdat wij niet regt weten , hoe veel wij, van het oordeel en de berichten onzer Leidslieden , op reekening van hun vooroordeel , charakter en luimen moeten ftellen. Hij, die, zonder menfehen - kennis , naar een vreemd land vertrekt , om menfehen te beftudeeren , handelt even dwaas, als de leerling in de werktuigkunde, die den aanvang zijner oefeningen wilde maaken met eene onbekende machine, welker zamengefteld maakzel 4e oirfpronglijke beweegra-

de-

Sluiten