Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C 493 )-

dienst en Godgeleerdheid te onderwijzen, ten uïterften omzichtig behooren te zijn in de keuze yan eenen Katechizeermeefter, terwijl verre de meeflen dezer — zonder hierdoor echter de goeden te willen benadeelen — naklappende papegaaien van zeker Predikant of Godgeleerd fchrijver , waanwijs , onkundig wegens het onderfcheid tusfehen Godsdienst en Godgeleerdheid, meestal onervaren in den eerften en bevooroordeeld in de laatfte , hoogmoedig en liefdeloos zijn in hunne oordeelvellingen en gedragingen ; — eigenfehappen indedaad, welke juist het allerminst pasfen in eenen , die voorgeeft, de lieve Jeugd in de waarheid te onderwijzend— --Langs dezen weg,mogen Ouders hunne Kinders voorbereiden, om insgelijks leden van het zelfde Kerkgenootfchap te worden : doch, komen de laatften , door den tijd, tot andere begrippen; overreedt hen eene oprechte overtuiging , om juist het tegenovergeftelde voor waarheid te erkennen , ook deze behooren zich alle braave Ouders, zonder eenige de minfte tegenfpraak of familie-haat, te laten welgevallen. De verandering van godsdienftige belijdenis, na gedaane onderzoek, is een onvervreemdbaar eigendom , welk tot de daadelijke rechten van den mensch en den burger behoort, zonder dat Ouders , Overheden , Leeraaren, Kerkbedienaaren, 'of wie zij ook zijn mogen, hem immer deswege eenig Verwijt doen, en nog minder eenig nadeel in zijne burgerlijke betrekkingen mogen toebrengen.

ÏV.

Sluiten