Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

•H *a6 3 -

Abukasem. ö! Thands fchiet mij te binnen, dat ik in mijne jeugd het hovenieren geleerd heb, en de kunst bezit, om alle zoortenvan planten en kruiden te zaaien en voordteteelen.

Sultan.

Indien dit waar is , zo znlt gij U over uw lot niet behoeven te beklaagen. Wij beminnen de hovenierskunst, en wij hebben nog gebrek aan een goed hovenier. Zo gij blijken van uwe bekwaamheid geeft, zal ik U tot Opziener over alle mijne tuinen maaken. — Isaö! zeg mij nu ook eens , in welke kunften gij ervaren zijt.

Isaö.

Genadig Koning! ik ben een timmerman; ik kan huizen en fcbepen bouwen; ook kan ik ijzer fmeeden cn fraai maaken. Dan , fchenk mij de vrijheid, om Abukasem's Slaaf te blijven, en voor hem te arbeiden ; want hij is het werken niet gewoon !

Sultan.

Dit verzoek kan ik niet inwilligen. Uwe bekwaamheden verheffen u tot eenen ftand . ver boven dien van Abukasem. Gij zult een nutttig burger op ons eiland worden; en, dewijl gij zo grootmoedig omtrend uwen vorigen Heer hebt willen handelen, zo zal hij ook meer achting genieten, en, wanneer hij het hovenieren wel verflaat, zekerlijk gelukkiger worden, dan hij verwacht. Gaat nu heen, en geeft beiden blijken van uwe bekwaamheden, en gij zult naar verdienfteü beloond worden!

y9\

Sluiten