Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6*54 h

ïeof's gr zin van tafel opgedaan, en ieder naar zijn kamer gegaan was, verkoos de Czar bij zijnen Gastheer nog wat te blijven zitten. Zfne Majedeit kwam weder, op het vorig onderwerp van 't gefprek, te weten, de jonge Dame Natalia K ij ri ll o wna , ei) zeide: „ Het Meisje ziet 'er fchoon uit; zij fehijnt een goed hart te hebben, en is niet te jong, om te trouwen. Gf moet uw best doen, om een Man voor haar optedoen. „ - Ja," andwoordde Matse of, ,, uwe Majedeit oordeelt recht over haar: zij bezit een uitdekend verdand, is ongemeen zedig, en heeft het beste hart. Mijn Vrouw en de geheele familie houden zeer veel van haar, en wij befchouwen haar, als onze geliefde Dochter. Maar wat betreft, om een gosde partij voor haar te vinden, dit is iets, 't geen v. ij waarfchijnlijk niet fcfcielijk verwachten kunnen. Zij bezit indedaad ontelbare goede hoedanigheden, maar weinig , of geen vermogen: en, bijaldien ik eene gelegenheid vond, ombaar aan den Man te helpen, zoude het deel, 't geen ik haar uit mijn eigen bekrompen fortuin konde bijzetten, flechts zeer gering wezen." — De Czar hernam hierop: „ Zij moet een lieven Jongen zien optedoen, die zoo veel van zich zeiven bezit, dat hij niets bij haar nodig heeft, dan haare goede hoedanigheden als de grootfte en beste bruidfehat aantemerken, en zijn best te doen, om haar gelukkig te maaken." — „ Dit is juist, dat ik zou wenfehen," fprak Matseof, „ maar, waar zal ik zulk een minnaar opiopen, die meer ziet naar goede hoedanigheden in zijne Bruid, dan naar een fchittc-rend vermógen," -— Wel nu, j, zeide de Czar," zulken zijn'er

nog

Sluiten