Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C158)-

bied:. En wanneer is'er niet zodanige gelegenheid; bijzonderlijk , wanneer men haarzelf zorgvuldig opzoekt?

Verrio, een wakker Athëist, heeft bloedverwanten en vrienden. Hij fchijnt die te eeren , en te beminnen ; maar het is enkel fchijn ; want , indedaad, hij bemint zichzelveu alleen, en anderen flechts zoo 1 lang, als zij zijne eigenbaat dienen, als zij zijne ongebreidelde begeerten, zijn geluk niet in den weg liaan.

Klit o, tot hiertoe zijn hartevriend, ftaat naar een aanzienlijk en vooreelig eerambt, op het welk Verrio zijne winzuchtige oogen reeds voor lang £eflsagen hadt. Op het oogenblik wordt de geheiligde band van vriendfehap gefcheurd. Hij wil zulks wel niet laten merken, en, om tijd te winnen, biedt hij zelfs Ki.ito zijnen dienst daartoe aan. Onder honderd verzekeringen , verplicht hij zichzelven , om hem naar zijn vermogen bijteftaan , en zijn voornenemen te onderfteunen. Ondertusfchen, houdt hij reeds omgekochte vleiers , en eigeubaatige dienaars gereed. Dezen zendt hij allerwegen uit , om leugens uitteftrooien , fchandelijke lasteringen te verdichten , en dus den eerlijken Klito van zijnen goeden naam, en den roem van eenen bekwaamen Staatsmian, door veeljaarige verdien ftcn verworven , en eindelijk van alle opeubaare bedieningen, voor al zijn leeven te berooven.

Erastus is geheel met zichzelven ingenomen, en zi n hoogmoed is onverdraaglijk voor alle zijne Medeburgeren. Hij acht enkel die genen zijne verkeering waardig, die diep genoeg voor zijnen hoogmoed

Sluiten