Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—C 2°9 )~

mer iets vrijwillig d.et, dan het gene naar zijne driften, neigingen en begeerten geftemd is.

Gelijk nu de neigingen en driften der menfchen zeer verfchillende zijn van eikanderen , en de een door deze, een ander door gene beheerscht wordt, even zoo zijn ook de genietingen onderfcheiden , naar welken zij ftreeven. Bij den een' heeft de zinlijkheid de overhand , en al wat hij doet, heefc alleen ten oogmerke , om aangenaame zinlijke gewaarwordingen te fmaaken. Bij een' tweeden heerscht de eerzucht, en zijne handelingen bedoelen alleen, goedkeuring , lof en roem te verwerven. Een derde is geldgierig, en, wanneer hij een' ander' dienst doet , gefchiedt het onder voorafgaande voorwaarde , of, ten minften, in de hoop van eene juiste , zelfs van voordeelige betaaling. Een vierde is heerschzuchtig; deze zal u hulp en bijftand Ieenen . zodra gij hem dit verzoekt; doch alleen — om u aan hem te onderwerpen. Een vijfde verlangt naar de gelukr zaligheid des hemels, zonder haar door zijne deugden te willen verdienen, en befluit eindelijk, hoe hard hem dit ook vallen moge, een gering gedeelte van zijne onrechtvaardig verkreegen fchatten opteöFferen, om daarmede, naar zijn gevoelen — de eeuwige verdoemenis aftekopen. Een zesde eindelijk — maar helaas look hij is, onder allen ,de zeldzaamfte!heeft zich tot de aanmefklijke hoogte eener, wel niet geheel onbaatzuchtige, maar echter van alle laage eigenbaat gezuiverde, deugd verheven ; en deez is de éénige, die uit gevoel van plicht, uit deugd handelt, omdat hij de alles overtreffende geneuclue

van

Sluiten