Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—C 359 )—

Deze Meeders, benevens den Kapitein, Opper- en Onderituurinan, vaaren (even als de Qroenlandfcht Commandeurs) op part : dat wil zeggen, zij krijgen zekere pro cento's van het provenu der verkochte Slaaven: zodat het indedaad de zaak en het belang der Officieren is,zoo wel roor't leeven, als de gezondheid dezer menfchen, door eene goede behandeling te zorgen , om alzoo den meeften prijs voor hun te maaken. Een Kapitein,der negotie knndig, zal dus zijne zorgende oplettendheid tot over de minde kleenigheden laten gaan ;j bij voorbeeld; zoodra hij een zeker getal Slaaven aan boord heeft, zal hij allen, van zich zelf af, tot de jongens toe , blootsvoets zonder fchoenen of koufen, aan boord doen gaan, en zorgen, dat zij alle Zaturdagen hunne nagels van handen en voeten korten en zuiveren , om niet misfchien in drift , wanneer iets haastig moet verricht worden , of bij ongeluk, de naakte huid der Zwarten 'te fchaaven of te kwetzen; hetwelk , wanneer daar niet ogenbliklijk naar gezien , en zulks door wasch of iets anders niet verholpen wordt, van flechte gevolge kan worden , en dikwijls, zonder dat men 'er op zoude denken , in weinig tijds het koude vuur vere-orzaaken , en zoo zelfs doodelijk kan worden want deze lieden zijn doorgaands, wanneer zij aan boord komen, zeer bol en opgeblaazen , zodat de minde fchaaving hunne huid kwetst, en de minde kwetfuur, ten aanzien van het klimaat en gedel , gevaarlijk is. Door deze bolligheid , die echter zonder vaste zelfdandigheid is, vertoonen deze fchepzels heel wat , als zij eerst te fcheeo komen, maar veranderen weidra, Aa 2 door

Sluiten