Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI.

IETS

over o e

VRIENDSCHAP.

{Brief aan Criton.)

INfooic leeren wij de menfchen gemaklijker en beter kennen, Criton, dan wanneer wij hen, met naauwkeurige oplettendheid, in de uitlatingen en in het bewijzen van vriendfchap gadellaan. Deze ontfluit ons, als 't ware, de deuren van het menfchelijk hart, en maakt, dat wij, in duizende gevallen, de denkwijze en het zedenlijk charakter van andere menfchen naauwkeurig kunnen opmaaken.

De Vriend neemt, bij zijnen Vriend , geene andere gedaante aan, ten minften niet in dien trap, en met die zorgvuldige voorzichtigheid, als wij het bij een' blooten Bekenden pleegen te doen. Integendeel reekent hij, dat het tot de eerfte plichten van een' vertrouwlijken omgang behoort, dat hij zich, zo niet zekere omftandigheden eene noodzaaklijke terughouding eifchen, juist zoo vertoont, als hij is, enzichhet masker, dat ieder verftandig man, in den omgang mat

hun,

Sluiten